Vijf mensen staan voor Alpenbergen en Zwitserse vlag
4.7/5 - (27 stemmen)

Hoe noemt men een inwoner van Zwitserland? Het antwoord: Zwitsers

De inwoners van Zwitserland heten Zwitsers. Dat is de meervoudsvorm en tegelijk de standaardnaam voor het volk: “de Zwitsers” wonen in de Zwitserse Confederatie, het land met Bern als bondsstad en Zürich als grootste stad. De naam is afgeleid van Zwitserland zelf, dat weer teruggaat op het kanton Schwyz.

Die term geldt voor iedereen met de Zwitserse nationaliteit, ongeacht de taal die iemand thuis spreekt, net zoals de benaming voor inwoners van India voor iedereen uit dat land geldt. Een Zwitser uit Genève en een Zwitser uit Zürich dragen dus dezelfde benaming, ook al spreken ze een andere landstaal.

Enkelvoud, meervoud en vrouwelijke vorm: Zwitser, Zwitsers, Zwitserse

Het enkelvoud voor een man is Zwitser. Voor een vrouw gebruik je Zwitserse. Het meervoud is Zwitsers, ook als het om een gemengde groep gaat. Een woord als “Zwitserlander” bestaat niet in correct Nederlands, al komt het af en toe voor in informeel taalgebruik.

Zwitsers als bijvoeglijk naamwoord en in de dagelijkse taal

Houten schrijfbureau met open woordenboek en gouden horloge

Naast het zelfstandig naamwoord is Zwitsers ook een bijvoeglijk naamwoord. Je schrijft “een Zwitsers horloge” (het-woord, onbepaald) maar “het Zwitserse horloge” met lidwoord. Bij de-woorden en in het meervoud krijgt het woord altijd een -e: “de Zwitserse banken”, “Zwitserse bergen”. Dezelfde regel geldt voor “de Zwitserse nationaliteit” of “de Zwitserse bevolking”.

Het woord Zwitsers wijst ook op taal. “Zwitsers Duits” verwijst naar de Alemannische dialecten die de meeste inwoners spreken en die flink afwijken van het Hoogduits. Het zijn dus niet alle Zwitsers die Zwitsers Duits spreken: Zwitserland kent vier landstalen.

Naam per taalgroep en per stad

Wie preciezer wil zijn, spreekt over Duitstalige Zwitsers (ongeveer twee derde van de bevolking), Franstalige Zwitsers (rond een kwart), Italiaanstalige Zwitsers (zo’n acht procent) en een kleine groep sprekers van het Romaans. Dat zijn geen aparte volken, maar taalgroepen binnen dezelfde natie.

Daarnaast bestaan er namen voor inwoners van een stad of kanton, zoals Bernezen voor inwoners van Bern en Zürichers voor die van Zürich. Die benamingen zijn lokaal en komen in de praktijk minder voor dan het algemene “Zwitser”.

Verwante termen en verwarring: Helvetiër, Swiss en andere benamingen

Een veelgehoorde vraag is of je ook “Helvetiër” kunt zeggen, terwijl de benaming voor inwoners van Dubai juist een vaste vorm heeft. Dat klopt gedeeltelijk. Het woord verwijst naar de Helvetiërs, een Keltische stam die in de oudheid het Zwitserse plateau bewoonde en aan het gebied de Romeinse naam Helvetië gaf. Vandaag gebruik je Helvetiër alleen in historische of plechtige context. Het bijvoeglijk naamwoord Helvetisch komt terug in de Helvetische Republiek (1798 tot 1803) en in “Confoederatio Helvetica”, de Latijnse naam waaraan de landcode CH ontleend is.

Andere lezers waren dol op dit artikel :  Leren bank schoonmaken: zo doe je dat stap voor stap

Swiss in het Nederlands: waarom het geen standaardwoord is

“Swiss” is Engels en hoort in een Nederlandse zin niet thuis voor personen. Je ziet het wel in merknamen en uitdrukkingen als “Swiss Made” of “Swiss Army knife”. Voor mensen zeg je gewoon Zwitser, Zwitserse of Zwitsers.

Inwoner is niet altijd hetzelfde als Zwitser

Een tweede verwarring zit in het verschil tussen inwoner en nationaliteit. Ruim een kwart van de mensen die in Zwitserland wonen heeft een buitenlands paspoort. Zij zijn inwoners van Zwitserland, maar geen Zwitsers in juridische zin. Wie Zwitser wil worden, moet een naturalisatieprocedure doorlopen die op gemeentelijk, kantonaal en federaal niveau loopt.

Ook de officiële landnaam kan voor verwarring zorgen. De volledige naam is Zwitserse Confederatie, ook wel Zwitserse Bondsstaat genoemd, met 26 kantons. Het bijvoeglijk naamwoord blijft in beide gevallen Zwitsers. De Taalunie hanteert voor het land de vorm Zwitserland en voor de inwoners Zwitser en Zwitserse, zoals je ook in andere naslagwerken terugvindt.

Kort samengevat

Voor iedereen met een Zwitsers paspoort gebruik je Zwitser (man), Zwitserse (vrouw) en Zwitsers (meervoud). Dezelfde vorm dient als bijvoeglijk naamwoord, met een -e waar de regels dat vragen. Helvetiër bewaar je voor de geschiedenis, en Swiss laat je liggen tenzij je een merk of Engelse uitdrukking citeert.

Allan

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *